visie bouwen in de zorgsector
Bij LLOX worden wij uitermate geboeid door de gebouwen en ruimtes die bestemd zijn voor langdurig verzorgend verblijf.
In de voorbije 30 jaar is er in Europa een merkelijke afname van het aantal verblijven in verzorgende instellingen. Dit is een gevolg van de uitbouw van thuisopvang buiten de instelling en de dagopvang die verzorgende instellingen zelf aanbieden. De zorgprogramma’s ontwikkeld tussen 1980 en 1990 zijn nu volwassen en zijn zover dat een evaluatie mogelijk is en dat de gevolgen merkbaar zijn.
Het is ondertussen duidelijk dat het opvangen van bewoners met een grote behoefte aan permanente zorg de beste resultaten geeft in kleine entiteiten gericht op een intens gemeenschapsleven.
Het ontwerp van een verzorgingstehuis voor bejaarden heeft in de loop der jaren een evolutie gekend. De instelling, met als onderlegger het ziekenhuis, werd vanaf de jaren ‘80 vervangen door de woning. Het begrip verzorging werd uitgebreid en kreeg een ruimere invulling. Met begeleid wonen en huiselijkheid als kernbegrippen.
Hoewel wonen centraal bleef in de benadering van de opvang van bejaarden
ontstond er rond de eeuwwisseling een nieuwe onderlegger voor het ontwerp.
Doordat de thuiszorg vandaag de dag zo goed ontwikkeld is en de communicatie dmv telefonie en mobiele telefonie sterk is verbeterd, kunnen mensen steeds langer zelfstandig blijven thuis wonen. Hierdoor is de zorgbehoevendheid van de bewoners die uiteindelijk worden opgenomen veel groter dan vroeger. De druk op het verzorgende personeel vergroot evenredig, los van de verhoogde kwaliteitseisen en de tekorten op de arbeidsmarkt.
Los van het zorgpatroon evolueerde ook het begrip wonen. Het structuurplan Vlaanderen, dat concentratie binnen de bestaande woonkernen bevoorrecht, de beperking van de investeringsmiddelen en van de beschikbare bouwgrond en de inburgering van het begrip duurzaam bouwen hebben een impact op de bouwplannen die nog te vaak wordt onderschat.
Korte verbindingen, efficiënt ruimtegebruik, eenvoudig onderhoud verminderen de druk op het personeel. Kleinere voetafdruk van het gebouw, herbruikbare structuur en minder verliesoppervlakte verminderen de druk op de omgeving.
Kleinschalige zorgprogramma’s kunnen enkel slagen indien het bestuur en het personeel een duidelijke visie hebben ontwikkeld. De referenties verder geven telkens een beeld van deze visie, het is aan ons om deze architecturaal te verwerken met respect voor de specifieke plek en het beschikbare budget.
De afbeeldingen die deze tekst* illustreren zijn de voorontwerpplannen voor de uitbreiding van de Zorgcampus van het OCMW Diksmuide.
Dit project illustreert de bovenstaande visie. In een compact gebouw ontwerpen wij boeiende circulatiepatronen met telkens wisselende prikkels, zowel vanuit de buitenwereld als vanuit de binnenwereld.
In dezelfde ruimtes is een kleinschalige aanpak op Cantous** model mogelijk, naast een werking met grotere leefgroepen.
Het geheel moet een welzijnsbevorderende omgeving (healing environment) tot stand brengen.
Met bijzondere aandacht voor:
- veiligheid en geborgenheid
- privacy
- keuze vrijheid en autonomie
- interactie van medewerkers en verzorgers
- interactie van familie en buitenwereld
- toegankelijkheid
- rendabiliteit (onderhoud, energieprestaties, ecologie, duurzaam bouwen...)
- buitenwereld (stedelijk en sociaal weefsel, ecologie, duurzaam bouwen,...)
* zie PDF-bestand onderaan.
** gemeenschappelijke woonomgeving waar mensen met een verminderde zelfstandigheid een leefsituatie kunnen vinden waar de communicatie, de onderlinge hulp en de relaties bevorderd worden door eenieders deelname aan de bezigheden van het dagelijkse leven. Het concept biedt de bewoners een gemeenschappelijke zelfstandigheid bieden binnen een beschermd kader.
In de voorbije 30 jaar is er in Europa een merkelijke afname van het aantal verblijven in verzorgende instellingen. Dit is een gevolg van de uitbouw van thuisopvang buiten de instelling en de dagopvang die verzorgende instellingen zelf aanbieden. De zorgprogramma’s ontwikkeld tussen 1980 en 1990 zijn nu volwassen en zijn zover dat een evaluatie mogelijk is en dat de gevolgen merkbaar zijn.
Het is ondertussen duidelijk dat het opvangen van bewoners met een grote behoefte aan permanente zorg de beste resultaten geeft in kleine entiteiten gericht op een intens gemeenschapsleven.
Het ontwerp van een verzorgingstehuis voor bejaarden heeft in de loop der jaren een evolutie gekend. De instelling, met als onderlegger het ziekenhuis, werd vanaf de jaren ‘80 vervangen door de woning. Het begrip verzorging werd uitgebreid en kreeg een ruimere invulling. Met begeleid wonen en huiselijkheid als kernbegrippen.
Hoewel wonen centraal bleef in de benadering van de opvang van bejaarden
ontstond er rond de eeuwwisseling een nieuwe onderlegger voor het ontwerp.
Doordat de thuiszorg vandaag de dag zo goed ontwikkeld is en de communicatie dmv telefonie en mobiele telefonie sterk is verbeterd, kunnen mensen steeds langer zelfstandig blijven thuis wonen. Hierdoor is de zorgbehoevendheid van de bewoners die uiteindelijk worden opgenomen veel groter dan vroeger. De druk op het verzorgende personeel vergroot evenredig, los van de verhoogde kwaliteitseisen en de tekorten op de arbeidsmarkt.
Los van het zorgpatroon evolueerde ook het begrip wonen. Het structuurplan Vlaanderen, dat concentratie binnen de bestaande woonkernen bevoorrecht, de beperking van de investeringsmiddelen en van de beschikbare bouwgrond en de inburgering van het begrip duurzaam bouwen hebben een impact op de bouwplannen die nog te vaak wordt onderschat.
Korte verbindingen, efficiënt ruimtegebruik, eenvoudig onderhoud verminderen de druk op het personeel. Kleinere voetafdruk van het gebouw, herbruikbare structuur en minder verliesoppervlakte verminderen de druk op de omgeving.
Kleinschalige zorgprogramma’s kunnen enkel slagen indien het bestuur en het personeel een duidelijke visie hebben ontwikkeld. De referenties verder geven telkens een beeld van deze visie, het is aan ons om deze architecturaal te verwerken met respect voor de specifieke plek en het beschikbare budget.
De afbeeldingen die deze tekst* illustreren zijn de voorontwerpplannen voor de uitbreiding van de Zorgcampus van het OCMW Diksmuide.
Dit project illustreert de bovenstaande visie. In een compact gebouw ontwerpen wij boeiende circulatiepatronen met telkens wisselende prikkels, zowel vanuit de buitenwereld als vanuit de binnenwereld.
In dezelfde ruimtes is een kleinschalige aanpak op Cantous** model mogelijk, naast een werking met grotere leefgroepen.
Het geheel moet een welzijnsbevorderende omgeving (healing environment) tot stand brengen.
Met bijzondere aandacht voor:
- veiligheid en geborgenheid
- privacy
- keuze vrijheid en autonomie
- interactie van medewerkers en verzorgers
- interactie van familie en buitenwereld
- toegankelijkheid
- rendabiliteit (onderhoud, energieprestaties, ecologie, duurzaam bouwen...)
- buitenwereld (stedelijk en sociaal weefsel, ecologie, duurzaam bouwen,...)
* zie PDF-bestand onderaan.
** gemeenschappelijke woonomgeving waar mensen met een verminderde zelfstandigheid een leefsituatie kunnen vinden waar de communicatie, de onderlinge hulp en de relaties bevorderd worden door eenieders deelname aan de bezigheden van het dagelijkse leven. Het concept biedt de bewoners een gemeenschappelijke zelfstandigheid bieden binnen een beschermd kader.
healing environment
De laatste jaren werd er in toenemende mate onderzoek gevoerd naar de invloed van de architectuur en het interieur van gebouwen op de mentale en fysieke gezondheid van hun gebruikers. Dit soort onderzoek vindt zijn oorsprong in de omgevingspsychologie, maar is van toepassing op de verzorgingssector.
De meeste aandacht gaat daarbij naar gebouwen waarbij de genezende functie erg letterlijk moet worden genomen, namelijk instellingen uit de zorgsector zoals ziekenhuizen, psychiatrische instellingen, bejaardentehuizen enzovoort. Men gaat uit van de hypothese dat de architecturale omgeving de mentale en fysieke toestand van mensen beïnvloedt. Door weloverwogen veranderingen aan te brengen in deze omgeving zou men bijgevolg in staat kunnen zijn om de gemoedstoestand en zo ook de fysieke gezondheid van de gebruikers van die omgeving positief te beïnvloeden.
Psychologen, medici en sociologen hebben dus hun eigen ideeën over hoe zo een healing environment eruit moet zien, waardoor ze steeds vaker terechtkomen op het terrein van de architectuur. Op die manier is de term dan ook doorgesijpeld tot in het jargon van de architectuur. Bij LLOX, als ontwerpers van zorginstellingen, is het daarom belangrijk om op de hoogte te blijven van deze ontwikkeling in de medische sector. De inzichten die men daar uit onderzoeken heeft kunnen afleiden, kunnen nuttig blijken bij het ontwerpen van nieuwe gebouwen voor de zorgsector. Zo zou de invloed van de architectuur van zorginstellingen op de gebruikers het genezingsproces bevorderen en zo de zorgconsumptie doen afnemen, wat dan weer de kosten verlaagt. Bovendien zou ook het personeel gemotiveerder zijn om te werken binnen een beter aangepaste omgeving, zodat ook de kwaliteit van de zorg erop vooruit zou gaan. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat de grootte van de invloed van de omgeving afhankelijk is van verschillende factoren.
De lengte van de periode waarin een patiënt/bewoner in de zorginstelling verblijft, bijvoorbeeld, kan ervoor zorgen dat de omgeving een veel belangrijker rol speelt. Concreet zou een healing environment resulteren in een sneller herstel van de patiënt, verminderde pijn, minder infecties en een grotere tevredenheid bij de patiënten en minder stress bij het personeel, en tenslotte zouden op lange termijn ook hooggekwalificeerd personeel worden aangetrokken door deze omgeving en er ook langer in dienst blijven.
De meeste aandacht gaat daarbij naar gebouwen waarbij de genezende functie erg letterlijk moet worden genomen, namelijk instellingen uit de zorgsector zoals ziekenhuizen, psychiatrische instellingen, bejaardentehuizen enzovoort. Men gaat uit van de hypothese dat de architecturale omgeving de mentale en fysieke toestand van mensen beïnvloedt. Door weloverwogen veranderingen aan te brengen in deze omgeving zou men bijgevolg in staat kunnen zijn om de gemoedstoestand en zo ook de fysieke gezondheid van de gebruikers van die omgeving positief te beïnvloeden.
Psychologen, medici en sociologen hebben dus hun eigen ideeën over hoe zo een healing environment eruit moet zien, waardoor ze steeds vaker terechtkomen op het terrein van de architectuur. Op die manier is de term dan ook doorgesijpeld tot in het jargon van de architectuur. Bij LLOX, als ontwerpers van zorginstellingen, is het daarom belangrijk om op de hoogte te blijven van deze ontwikkeling in de medische sector. De inzichten die men daar uit onderzoeken heeft kunnen afleiden, kunnen nuttig blijken bij het ontwerpen van nieuwe gebouwen voor de zorgsector. Zo zou de invloed van de architectuur van zorginstellingen op de gebruikers het genezingsproces bevorderen en zo de zorgconsumptie doen afnemen, wat dan weer de kosten verlaagt. Bovendien zou ook het personeel gemotiveerder zijn om te werken binnen een beter aangepaste omgeving, zodat ook de kwaliteit van de zorg erop vooruit zou gaan. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat de grootte van de invloed van de omgeving afhankelijk is van verschillende factoren.
De lengte van de periode waarin een patiënt/bewoner in de zorginstelling verblijft, bijvoorbeeld, kan ervoor zorgen dat de omgeving een veel belangrijker rol speelt. Concreet zou een healing environment resulteren in een sneller herstel van de patiënt, verminderde pijn, minder infecties en een grotere tevredenheid bij de patiënten en minder stress bij het personeel, en tenslotte zouden op lange termijn ook hooggekwalificeerd personeel worden aangetrokken door deze omgeving en er ook langer in dienst blijven.
omgeving, arousal en stress
In de omgevingspsychologie gaat men ervan uit dat omgevingsstimuli steeds een bepaalde graad van arousal of stress opwekken. Op een gemiddeld arousalniveau zouden mensen optimaal functioneren. Opdat het herstel van de patiënt zo vlot mogelijk zou verlopen, moet het aantal stressimpulsen dus beperkt worden.
Algemeen gesteld zou te veel informatie of te weinig samenhang in de omgeving en het gevoel te weinig controle over de omgeving te hebben, leiden tot een hoger stressniveau, wat nadelig kan zijn voor de gezondheid.
Concreet betekent dit dat bewoners bij voorkeur een overzicht moeten hebben over hun omgeving en het gevoel moeten hebben dat ze hun blootstelling aan de omgeving kunnen controleren. De behoefte aan privacy is daarbij zeer belangrijk. Wanneer mensen het gevoel hebben dat ze de controle over wat ze als hun persoonlijke ruimte beschouwen verloren zijn, veroorzaakt dit een verhoging van het stressniveau. Ook sociale interactie speelt een grote rol in het welbevinden. Om sociaal gedrag aan te moedigen is een gemeenschappelijke ruimte nodig met een aangepaste meubelschikking, bijvoorbeeld met stoelen of zetels die rondom een tafel geschikt worden.
Verschillende soorten zorginstellingen vragen bovendien een andere architectuur. Een psychiatrische instelling zal architecturaal gezien aan
andere normen moeten voldoen dan een bejaardentehuis of een ziekenhuis. Bij LLOX hebben we dit vertaald in bovenstaande grafische uitbeelding.
Dit is het resultaat van het samenbrengen van de ervaringen in alle sectoren van de huisvesting van zorgbehoevende bewoners: extra muraal (Sociale huisvesting), transmuraal (Service-Flats) en Intramuraal (Rustoorden-Ziekenhuizen). Eigenlijk is het onze visie over “huiselijkheid”, die enkel in functie mag worden gezien van de capaciteiten van de bewoners, patiënten of gebruikers.
Algemeen gesteld zou te veel informatie of te weinig samenhang in de omgeving en het gevoel te weinig controle over de omgeving te hebben, leiden tot een hoger stressniveau, wat nadelig kan zijn voor de gezondheid.
Concreet betekent dit dat bewoners bij voorkeur een overzicht moeten hebben over hun omgeving en het gevoel moeten hebben dat ze hun blootstelling aan de omgeving kunnen controleren. De behoefte aan privacy is daarbij zeer belangrijk. Wanneer mensen het gevoel hebben dat ze de controle over wat ze als hun persoonlijke ruimte beschouwen verloren zijn, veroorzaakt dit een verhoging van het stressniveau. Ook sociale interactie speelt een grote rol in het welbevinden. Om sociaal gedrag aan te moedigen is een gemeenschappelijke ruimte nodig met een aangepaste meubelschikking, bijvoorbeeld met stoelen of zetels die rondom een tafel geschikt worden.
Verschillende soorten zorginstellingen vragen bovendien een andere architectuur. Een psychiatrische instelling zal architecturaal gezien aan
andere normen moeten voldoen dan een bejaardentehuis of een ziekenhuis. Bij LLOX hebben we dit vertaald in bovenstaande grafische uitbeelding.
Dit is het resultaat van het samenbrengen van de ervaringen in alle sectoren van de huisvesting van zorgbehoevende bewoners: extra muraal (Sociale huisvesting), transmuraal (Service-Flats) en Intramuraal (Rustoorden-Ziekenhuizen). Eigenlijk is het onze visie over “huiselijkheid”, die enkel in functie mag worden gezien van de capaciteiten van de bewoners, patiënten of gebruikers.
zintuiglijke stimuli
Het arousalniveau van bewoners wordt dus veroorzaakt door een combinatie van omgevingsstimuli waargenomen via de verschillende zintuigen. Om een gemiddeld arousalniveau te krijgen, moeten er voldoende positieve stimuli aanwezig zijn in de omgeving en moeten elementen die het stressniveau teveel doen stijgen vermeden worden.
Bij de visuele impressies speelt licht bijvoorbeeld een heel belangrijke rol in de beïnvloeding van de geestelijke en fysieke toestand van de bewoner.
Vooral de natuurlijke cyclus van dag en nacht is essentieel voor een normale werking van de biologische functies. Een tekort aan daglicht veroorzaakt depressies doordat het hormoon melatonine de lichamelijke functie als het ware stillegt.
Kleuren zouden ook kunnen bijdragen tot een algemeen welbevinden. Het UK Health Office schrijft aan de kleur rood een verlaagd aantal epileptische aanvallen toe, blauw zou agressieve patiënten kalmeren, nog andere kleuren rood zouden reumatische en artritische pijnen verzachten. Karin Slegers brengt de invloed van kleuren terug tot hun helderheids- en verzadigingsgraad. Samenvattend kan men zeggen dat heldere (lichtere) en meer verzadigde (met een grotere hoeveelheid grijs gemengd) kleuren algemeen als aangenamer worden ervaren. Een monochromatisch kleurschema voor de hele ruimte zou in ieder geval moeten worden vermeden.
Verder heeft ook het uitzicht op de buitenwereld een positieve invloed. Op dezelfde manier brengt de aanwezigheid van planten binnen in het gebouw de buitenwereld voor een stukje binnen en maakt het verblijf in het gebouw een stuk aangenamer. Natuurzichten zouden bovendien kalmeren en een positieve invloed hebben op hun gezondheid. Ook kunstwerken hebben een dergelijk kalmerend effect en kunnen bovendien dienen als herkenningspunten.
Performance kunsten, waaronder literaire lezingen, concerten en de podiumkunsten zorgen, nog meer dan de beeldende kunsten, voor afleiding maar ook voor sociale interactie.
Hoewel de link tussen architectuur en het reukvermogen niet direct voor de hand ligt, is het toch nuttig om bij het ontwerpen van het interieur rekening te houden met de invloed van geur op de menselijke gezondheid. Olfactorische boodschappen zouden de hersenen zelfs sneller bereiken dan auditieve of visuele impressies. Onderzoek heeft aangetoond dat fruit- en bloemengeuren een kalmerende invloed hebben op de ademhaling, de bloeddruk, het hartritme en op de spieren. Geuren hebben ook de eigenschap dat ze pijn verzachten door endorfines of pijnstillende hormonen te laten vrijkomen. Medicijngeuren wekken angstgevoelens op, dus bewoners komen er best zo min mogelijk mee in contact.
Daarnaast is het ook nuttig om rekening te houden met indrukken via de tastzin. Ook deze geven belangrijke informatie over de omgeving en geven dus mee vorm aan een positief of negatief beeld van de omgeving. Ook hier geldt de regel dat de materialen die gebruikt worden een kalmerend effect moet hebben.
Comfort is hier een sleutelbegrip. Stoffen moeten gekozen worden volgens de zachtheid van hun textuur, meubels volgens de ergonomie van hun ontwerp, hoeken worden best zo veel mogelijk afgerond.
Schakelaars moeten makkelijk te bedienen zijn en zich binnen handbereik bevinden, net zoals de bedieningssystemen voor ramen, gordijnen en televisie. Dit stimuleert een gevoel van veiligheid en het gevoel van controle over de omgeving.
Geluiden, tenslotte, hebben net als geuren de eigenschap dat ze endorfines vrijmaken die pijnstillend werken. Het gaat daarbij om rustgevende geluiden zoals het natuurlijke geluid van regen, wind, vogels, of ook muziek. Omdat wat als rustgevend wordt ervaren erg kan verschillen van individu tot individu, is het aangewezen om keuzemogelijkheden te voorzien. Lawaai van bijvoorbeeld telefoons, alarmen, monitors moet zoveel mogelijk beperkt worden.
Bij de visuele impressies speelt licht bijvoorbeeld een heel belangrijke rol in de beïnvloeding van de geestelijke en fysieke toestand van de bewoner.
Vooral de natuurlijke cyclus van dag en nacht is essentieel voor een normale werking van de biologische functies. Een tekort aan daglicht veroorzaakt depressies doordat het hormoon melatonine de lichamelijke functie als het ware stillegt.
Kleuren zouden ook kunnen bijdragen tot een algemeen welbevinden. Het UK Health Office schrijft aan de kleur rood een verlaagd aantal epileptische aanvallen toe, blauw zou agressieve patiënten kalmeren, nog andere kleuren rood zouden reumatische en artritische pijnen verzachten. Karin Slegers brengt de invloed van kleuren terug tot hun helderheids- en verzadigingsgraad. Samenvattend kan men zeggen dat heldere (lichtere) en meer verzadigde (met een grotere hoeveelheid grijs gemengd) kleuren algemeen als aangenamer worden ervaren. Een monochromatisch kleurschema voor de hele ruimte zou in ieder geval moeten worden vermeden.
Verder heeft ook het uitzicht op de buitenwereld een positieve invloed. Op dezelfde manier brengt de aanwezigheid van planten binnen in het gebouw de buitenwereld voor een stukje binnen en maakt het verblijf in het gebouw een stuk aangenamer. Natuurzichten zouden bovendien kalmeren en een positieve invloed hebben op hun gezondheid. Ook kunstwerken hebben een dergelijk kalmerend effect en kunnen bovendien dienen als herkenningspunten.
Performance kunsten, waaronder literaire lezingen, concerten en de podiumkunsten zorgen, nog meer dan de beeldende kunsten, voor afleiding maar ook voor sociale interactie.
Hoewel de link tussen architectuur en het reukvermogen niet direct voor de hand ligt, is het toch nuttig om bij het ontwerpen van het interieur rekening te houden met de invloed van geur op de menselijke gezondheid. Olfactorische boodschappen zouden de hersenen zelfs sneller bereiken dan auditieve of visuele impressies. Onderzoek heeft aangetoond dat fruit- en bloemengeuren een kalmerende invloed hebben op de ademhaling, de bloeddruk, het hartritme en op de spieren. Geuren hebben ook de eigenschap dat ze pijn verzachten door endorfines of pijnstillende hormonen te laten vrijkomen. Medicijngeuren wekken angstgevoelens op, dus bewoners komen er best zo min mogelijk mee in contact.
Daarnaast is het ook nuttig om rekening te houden met indrukken via de tastzin. Ook deze geven belangrijke informatie over de omgeving en geven dus mee vorm aan een positief of negatief beeld van de omgeving. Ook hier geldt de regel dat de materialen die gebruikt worden een kalmerend effect moet hebben.
Comfort is hier een sleutelbegrip. Stoffen moeten gekozen worden volgens de zachtheid van hun textuur, meubels volgens de ergonomie van hun ontwerp, hoeken worden best zo veel mogelijk afgerond.
Schakelaars moeten makkelijk te bedienen zijn en zich binnen handbereik bevinden, net zoals de bedieningssystemen voor ramen, gordijnen en televisie. Dit stimuleert een gevoel van veiligheid en het gevoel van controle over de omgeving.
Geluiden, tenslotte, hebben net als geuren de eigenschap dat ze endorfines vrijmaken die pijnstillend werken. Het gaat daarbij om rustgevende geluiden zoals het natuurlijke geluid van regen, wind, vogels, of ook muziek. Omdat wat als rustgevend wordt ervaren erg kan verschillen van individu tot individu, is het aangewezen om keuzemogelijkheden te voorzien. Lawaai van bijvoorbeeld telefoons, alarmen, monitors moet zoveel mogelijk beperkt worden.
Bibliografie
NHS Estates, Executive Agency of the UK Health Department, Improving the Patient Experience: The Healing Environment, Slegers, Karin, Literatuuronderzoek naar de invloed van het interieur op het welbevinden van patiënten/bewoners en medewerkers in zorginstellingen

Visie bouwen in de zorgsector.pdf (878.41Kb)